Hans E. Merts schrijft voor Bogue ondermeer over de aankomende Operadagen Rotterdam. Vandaag besteedt hij aandacht aan de performance Rothko Chapel van Sjaron Minailo. De foto’s bij dit artikel zijn van Zelda Molenaar van De Z van Zelda.

“Poëzie schrijven na Auschwitz is barbaars” stelde de Duitse filosoof Theodore Adorno (1903-1969), een van de grondleggers van het vermaarde neo-marxistische instituut de “Frankfurter Schule”, in 1949 vast. Wat de rookpluimen uit de schoorstenen van de Nazi-vernietigingskampen voor de mensheid zouden betekenen, moest nog neerdalen in het morele kader van de mensheid in die nadagen van de Tweede Wereldoorlog.

De Amerikaanse schilder Mark Rothko (1903-1970) proclameerde dat “na de Holocaust en de atoombom, figuratieve kunst zonder verminking onmogelijk was”. Zijn na-oorlogse schilderwerk is de concretisering van deze geabstraheerde intellectualistische expressie. De stilte in zijn schilderijen is oorverdovend.

s1

De Joodse performance/ beeldend kunstenaar Sjaron Minailo geeft ruim een halve eeuw later tijdens de Operadagen Rotterdam (ODR) zijn re-actie in een “her-vertellen”, zoals deze intrigerende denker het zelf noemt.

Zijn installatie/performance “Rothko Chapel” zal tijdens de ODR meerdere malen in kunstencentrum voor contemporaine kunst ‘Witte de With’ te bezoeken zijn. Minailo: “De installatie is een dwingende interpretatie. Ik wil in dialoog treden met Rothko en Feldman. Fuck iT! Dial 666.”. Met deze bijna de-constructing her-vertel methodiek, raakt Minailo een van de kernwaarden van de huidige Operadagen Rotterdam.

s2

Rothko Chapel refereert aan twee monumentale monolieten uit de eigentijdse kunst. Natuurlijk refereert het op de eerste plaats aan het in Houston gesitueerde, gelijknamige centrum voor contemplatie waar de abstract-expressionistische werken van Rothko uitgangs- en focuspunt zijn. Op de tweede plaats heeft de titel van Minailo’s performance/installatie betrekking op de ode die de Amerikaanse componist Morton Feldman (1926-1987) in 1971 (het jaar dat het architectonische hoogstandje van architect Philip Johnson (1906-2005) in Houston open ging) bracht aan Rothko’s poging tot her-sacralisering na de barbarij van de nazi’s in diens ‘Endlösung’ middels de ‘crime of the century’: de Holocaust. In die ultieme daad waar ‘Het Kwaad’, voor het eerst de ‘Vernichtung’ van de (Joodse) mens als doel op zich stelde, ging de mens in haar vernietigingsdrang, om in de woorden van de Nederlandse historicus H.W. von der Dunk te spreken, “voorbij de verboden drempel”.

s4

Minailo’s installatie is niet alleen een ‘her-vertellen’, het is een bredere aanklacht. De Operadagen, met dank aan artistiek directeur Guy Coolen, is precies 100 jaar na aanvang van de (met name in Engeland en België zo genoemde) Grote Oorlog, zich bewust van de historiserende functie die Kunst weet in te nemen.

Is Rothko Chapel te Houston nog te bezien als een toenmalig nieuw ‘Stonehenge’ voor de seventies en Feldman’s compositie voor koor, viool en percussie als de ‘verklanking’, een ‘Tondichtung’ daarvan, Minailo’s installatie is een 21ste eeuws statement! Een waarbij de existentiële pijn die door de werken van zowel Rothko en Feldman heenloopt, niet in een pure abstractie expressie krijgt, maar een eigen zeggingskracht in taal en beeld “waarbij ik voorbij de semantische beelden ga”, aldus Minailo.

“Voorbij kleur en vorm, twijfel en agressie. Ik wil meer dwingend zijn. De installatie is meer te zien als een ‘war-machine”.

s5