Als een soort Lucky Luke zat ik in de trein, niet dat Lucky Luke met de trein ging, maar hij was op weg naar iets nieuws. Ik was ook op weg naar iets nieuws, een baan. Lucky Luke hield van een uitdaging en ik heb zijn voorbeeld maar gevolgd. Bij een nieuwe baan, hoort ook in mijn geval een nieuwe treintraject. Ik wil dan ook iedereen bedanken, die mijn voorgaande reizen aangenaam hebben gemaakt. De vrouw die zo nodig moest plassen, de man met zijn bergstappers, de Douglas types die lichtelijk opgewonden werden van chocolade, de junkies met en zonder gitaren.

Alsmede mijn medereizigster, waarmee ik 4,5 jaar in de trein heb gezeten en pas het laatste half jaar mee gepraat heb. Ik denk dat je dit verlegenheid kunt noemen? Zou wel door kunnen gaan met bedankjes, maar dan ben ik pas klaar als ik op mijn bestemming ben.

Ik had het van tevoren kunnen weten, ooit zou mijn werk zich bevinden in het huidige Amerika van Nederland. Niemand komt er echt vandaan, maar er zijn hier voldoende mogelijkheden om je werk-gerelateerde-droom te leven. Mijn nieuwe traject gaat naar station Bijlmer, waar alle tumbleweeds van de voorgaande plaatsen ook belanden. Het is trouwens een trein waar de TL-verlichting wel erg duidelijk maakt dat je bleek bent en liever even je ogen nog sluit. Alsook je van tevoren weet dat je 55 minuten lang de blaas niet moet triggeren met al te veel munitie. Er is hier namelijk geen toilet aanwezig.

Ik ben redelijk zenuwachtig wat zichtbaar wordt bij het doorlekken van mijn okselzweet. Het doet me dus echt iets zo’n verandering, maar een echte cowboy staat achter zijn besluit. Ik probeer me iets te kalmeren door naar buiten te kijken. De Hollandse prairies zien er groen uit en de zwart witte buffels nemen het er aardig van.

In de weerspiegeling van de ruit zie ik een vrouwelijk gestalte haar witte merrie op slot zetten. Ze lijkt op Pocahontas, wat eigenlijk in het Powhatan-Indiaans ondeugend meisje betekend. Haar mooie donkere haar danst zwierig bij elke stap die ze neemt. Ze heeft heel toepasselijk op weg naar Bijlmer een Susan Bijl tas bij haar, in de kleur van een pompelmoes. Want een indiaantje zonder Bijl, is geen echt indiaantje. Haar witte dun gebreide vest met vrolijk indianensjaaltje versterkte mijn gevoel. Ter bevestiging haalt ze een mesje met houten heft uit haar tasje. Tevens pakt ze ook om gezond ton-sur-ton te doen een pompelmoes eruit. Ze scheelt de vrucht met souplesse en zoals alleen echte indianen dat kunnen eet ze het stukje gesneden vrucht van haar lemmet af.

Het dartelende jonge indianenvrouwtje nodigde me uit in haar wigwam om te genieten van vers fruit. Ik ben dol op pompelmoezen, het is mij trouwens opgevallen dat één op de juiste manier gehalveerde pompelmoes wel iets weg heeft van het vrouwelijk geslachtsorgaan. “Uch” zei ze, “Deze roodhuid-squaw moet nu vredespijp roken met bleekman-roodbaard, Uch!”

“Volgende halte, Station Bijlmer Arena” Ik schrok wakker en rolde als een Tumbleweed de trein uit. Het laatste gedeelte was dus helaas maar een Indianenverhaal, deze cowboy gaat naar zijn werk-gerelateerde-droom!

Latest posts by Elmar (see all)