Bob Schoute is geboren en getogen Rotterdammer. Deze leraar Nederlands is een echte reisfanaat en hij heeft al veel van de wereld gezien. Ondanks zijn passie voor de wereld ligt Bob’s hart toch echt in Rotterdam. Tweewekelijks neemt hij ons mee tijdens zijn verre reizen of naar zijn eigen buurt. Een hartelijk applaus voor onze nieuwe gastschrijver Bob Schoute.

Het is een onvermijdelijk fenomeen in het buitenland: de ‘hey my friend, where you from’- vraag. Meestal gesteld om je uiteindelijk een winkel of een restaurant in te lokken. Vaak antwoord ik om die reden nogal kortaf op die vraag: Holland. Soms zeg ik Russia of Turkmenistan, waarna ik simuleer geen andere taal te spreken. Over de gehele wereld (buiten de VS om, want die snappen voor de rest weinig van Europese topografie), begint elke willekeurige Senegalees, Vietnamees, Egyptenaar of Mexicaan het woord ‘amsterdam’ in je oor te tetteren, wanneer jij het woord ‘Holland’ noemt.

Dan hebben ze aan mij een goeie, ik ben namelijk allergisch voor het woord amsterdam. Als ik op dat moment al niet geïrriteerd was door de hitte en dat gezeik aan mijn kop dat ik absoluut een kijkje in hun winkel moet nemen, dan word ik dat absoluut als een of andere vage Chinees amsteldam staat te blèren.

En ze weten het hè. Ze merken meteen dat ze een megafout gemaakt hebben. De ‘NO!!!’ komt uit mijn tenen en ik werp ze een vuile blik die ze die dag nog van geen enkele toerist hebben gekregen. Aan mij verkopen ze geen sleutelhangers, T-shirts, riksjaritjes of kokosnoten met een rietje meer. Eigen Schud!

Dat was vroeger. Want toen, op een dag, kwam ik in Kaapverdië. Een mooie archipel in de Atlantische oceaan voor de Afrikaanse kust. Ongeveer een half miljoen inwoners, verdeeld over tien eilanden. Hij had me al in het vizier, toen ik alleen op het strand liep, hij had ergens een kleedje liggen met namaak zonnebrillen. Donker persoon, dreadlocks, grote grijnzende smile, gouden tand. Typisch. ‘Hey man…..how are you?’. De standaard vraag. Ik bereidde me voor op standaardvraag nummer twee. Ik werd op mijn wenken bediend: ‘Where you from? Spain?’ (op één of andere manier, denken ze waar ter wereld ik ook ben, dat ik uit Spanje kom). No, Holland, zeg ik kortaf, voorbereidend om keihard door te lopen. ‘Ooh Rotterdam?’.

Rot-ter-dam? Zegtie nou Rotterdam? Ik weet even niet wat ik moet zeggen. ‘Yes!’ stamel ik. ‘Rotterdam!’‘Niewie Bienenweg?’ Mijn nieuwe vriend lijkt te willen controleren of ik echt uit Rotterdam kom. Hij glimlacht nog steeds. ‘Nieuwe Binnenweg’ dreunt er na in mijn hoofd. Ik kijk. Ik glimlach. Ik omhels. Een traan welt op in mijn ooghoek. Ik sta op een parelwit strand, duizenden kilometers van huis. Het strand is verlaten en ik sta met een wildvreemde neger te knuffelen die me nu iets te hard ‘Niewie Bienenweg’ in mijn oor staat te tetteren.

Even werd ik iets te enthousiast. Rotown, Cafe Ari? Nee? Desire, De Lachende Paus misschien? Nee! Wel een broer die daar woonde en waar hij af en toe een pakketje naartoe stuurde. Adilson lopes. Ik moest hem zeker de groeten doen als ik weer terug was in Rotterdam.

Ik heb maar een zonnebril bij ‘m gekocht. Een neppe Ray-Ban voor veels te veel geld. Maar dat vond ik de ervaring waard.Ik heb nog even aan hem gevraagd of hij amsterdam kende. Hij haalde zijn schouders op. ‘Is Holland too?’. ‘No, not important’.

Twee weken ben ik in Kaapverdië geweest. Ik ben met koffers vol waardeloze troep naar huis gegaan. Belazerd bij het leven! Ik ben elke winkel ingegaan. Veel te dure taxiritjes aangenomen. Veel geknuffeld. Puur en alleen om het enige magische woord wat ze allemaal kenden, omdat ze er een vriend,oude buurman of neef hebben wonen. Rotterdam. Niewie Bienenweg. Thuis