De tussenstand van elf maanden vrijgezellenbestaan na zeven jaar relatie: drie en een half maal gezoend en met twee heren het bed / de tent gedeeld. Nooit nuchter, maar altijd verkerend op de dunne scheidslijn tussen lichtelijk aangeschoten en volkomen bezopen. De halve zoen was half daar hij minder dan vijf seconden duurde. Wat voor op de vloer vallend voedsel geldt, geldt ook voor zoenen: onder de vijf seconden is het eigenlijk niet gebeurd.

Voorafgaand aan deze EK 2012 lijkende taferelen ligt wat daten betreft pure armoe ten grondslag. Ik herinner mij een avond in één van de vele Pathébisocopen die Rotterdam rijk is, een gesprek in Breakaway Café waarin ik interesse veinsde in Mohammed zijn relaas over poker en een moment op de bank bij mijn moeder waarna de jongeman een sms zijn vriendenkring rondstuurde over liters voorvocht. Ik wist niet dat de vloeistof bestond.

Bovenstaande vermeld ik niet omdat ik graag mijn lamgeslagen liefdesleven ten tonele breng, maar om een beeld te schetsen van mijn kennis in zake de kwestie daten. De oorzaak voor dit gat in mijn ontwikkeling is vrij eenvoudig: angst. Beter gezegd: doodsangst. Want, wat als de man meer wil dan uitsluitend in het halfdonker over poker ouwehoeren? De gedachte dat een nacht in de kroeg niet louter op een vriendschappelijke manier opgevat zou kunnen worden, doet mijn blonde nekharen richting het hiernamaals schieten.

Een gezellige vrijdagavond op Facebook leerde mij dat mannen hier, hoe verrassend, totaal anders over denken. Zij, ook zo verrassend, willen juist meer. Niet soms, een enkele keer of af en toe. Nee, altijd. Tot je ineens gezamenlijk aan de ontbijttafel belandt. Tussen de postmix in Breakaway Café en de ingeblikte croissant heeft zich namelijk een daad voltrokken waardoor vrouwen meer willen en mannen minder. De verwachtingen van een eerste date zijn vaak dan ook geen proeve synchroonzwemmen. Arsenalen worden tevoorschijn getoverd om strakgetrokken kuisheidsgordels te doen breken. Zinnen als “ze zei nee, maar bedoelde ja” vinden hier hun oorsprong.

Omdat het leven om het overwinnen van angsten gaat, én om voortplanting, ga ik voor Bogue mijn veilige zone verlaten. Maar, mét zwembandjes. De Rotterdamse Koning, Keizer, Admiraal op date-gebied Justin Hendrik neemt mij aan zijn zijde. Waar mijn dates op een vuurwerkstompje zijn te tellen, zou een date of duizend voor deze James Bond van de havenstad geen overdreven schatting zijn.

De heer Hendrik is 33 jaar, artiestenmanager, platenbaas, heeft style blog Le Connaissoir en organiseert de zwoelste feesten van de stad. Met modellenklussen on the side en de bijnaam Jamie Oliver van Indonesië, heeft hij wat dames betreft de schaapjes op het droge. Zijn eerste advies: zet breed in.

Zodoende zal Justin het crème de la crème op mannengebied voor mij uitkiezen uit de vele subculturen die Rotterdam rijk is. Een dandy, een hipster, een bouncer, een homeboy, een Hollandse corpsbal, een Turkse ondernemer, een Chinese restaurateur, een gabber die de jaren negentig heeft overleefd; want laten we wel wezen, er zijn zat leuke mannen. De vrijgezelle vrouwen kijken alleen niet goed genoeg. Aldus mijn lekentheorie. Geïnspireerd op het monument der subculturen Exactitudes (Ari Versluis & Ellie Uyttenbroek) stap ik de komende tijd definitief af van de door mij gebaande paden. Aan de hand van Justin zal ik deze wereld van verwachtingen, spanning en ongemakkelijke situaties worden binnengeleid en voor Bogue beschrijven.

Dore van Duivenbode

 

Latest posts by Dore (see all)